Spelregels van Waterpolo
Hier zijn de basisregels voor het spelen van waterpolo:
1. Het Spel
Waterpolo is een teamsport die wordt gespeeld door twee teams in een zwembad. Het doel van het spel is om de bal in het doel van de tegenstander te werpen.
2. Teamsamenstelling
Elk team bestaat uit zeven spelers: zes veldspelers en een doelman. Er zijn meestal ook meerdere wisselspelers beschikbaar.
3. Speeltijd
Een waterpolo wedstrijd bestaat uit vier periodes van elk 8 minuten speeltijd. De klok stopt bij iedere onderbreking.
4. Balbezit
Een team heeft maximaal 30 seconden balbezit om een doelpoging te doen. Als het team niet binnen die tijd schiet, gaat het balbezit naar de tegenstander.
5. Overtredingen
- Kleine overtredingen: Een speler mag de bal niet met twee handen aanraken (behalve de doelman in zijn eigen doelgebied), niet onder water duwen, en niet op de bodem van het zwembad staan.
- Grote overtredingen: Een speler kan worden uitgesloten voor 20 seconden bij zware overtredingen zoals vasthouden, onderdompelen van een tegenstander, of grof spel.
6. Doelpunten
Een doelpunt wordt gescoord wanneer de bal volledig over de doellijn gaat, tussen de palen door, en onder de lat. Het team met de meeste doelpunten aan het einde van het spel wint.
7. Uitsluitingen
Bij grove overtredingen of herhaalde overtredingen kan een speler worden uitgesloten voor de rest van het spel. Dit betekent dat het team een speler minder heeft gedurende die tijd.
8. De doelman
De doelman is de enige speler die de bal met twee handen mag aanraken en die de bal onder water mag houden binnen het 5-metergebied van zijn eigen doel.
9. Spelregels in detail
Er zijn vele nuances in de regels van waterpolo, waaronder de wijze waarop een vrije worp moet worden genomen, hoe het spel hervat wordt na een doelpunt, en regels rondom het tijdmanagement. Voor een compleet overzicht, zie de officiƫle regels van de FINA.